Genetische variatie in Afrika grootst
De genetische diversiteit binnen bevolkingsgroepen in of afkomstig uit Afrika is groter dan in de rest van de wereld. Dat blijkt uit de grootste studie ooit naar Afrikaans dna. Deze genetische kaart van Afrika biedt veel informatie over genetische risicofactoren voor ziekten.

In het onderzoek onder leiding van Sarah Tishkoff (University of Maryland) is het dna van ruim drieduizend mensen bestudeerd, ook van inwoners van de meest afgelegen gebieden. De dna-monsters zijn afkomstig uit 121 Afrikaanse, vier Afro-Amerikaanse en zestig niet-Afrikaanse populaties. De onderzoekers hebben ze vergeleken op 1327 plaatsen op het dna. Dit resulteerde in ongeveer vier miljoen genotypes. Afrikaanse, Amerikaanse en Europese onderzoekers hebben tien jaar aan de studie gewerkt.

Grote variatie
Wetenschappers zijn het erover eens dat de geschiedenis van de moderne mens zo'n 200.000 jaar geleden begon in Afrika. Vanuit deze bakermat heeft de mensheid zich verspreid over de rest van de wereld. Afrika blijkt nu in genetisch opzicht het meest gevarieerde werelddeel te zijn. Deze conclusie ondersteunt de hypothese dat de oudste bevolkingsgroep de grootste genetische diversiteit vertoont en dat die minder wordt naarmate bevolkingsgroepen migreren.

Ziektegevoeligheid
De in de studie opgedane informatie over het erfelijk materiaal van de Afrikanen komt van pas bij het opsporen van genetische risicofactoren en ziektegevoeligheid van mensen met een Afrikaanse of Afro-Amerikaanse herkomst. Uit eerder onderzoek is al gebleken dat mensen met Afrikaanse wortels grotere kans hebben op bepaalde aandoeningen, zoals borstkanker, prostaatkanker, hoge bloedruk, en diabetes. Tegen andere aandoeningen daarentegen lijken sommigen juist beter bestand te zijn, waaronder HIV en malaria. Met de uitkomsten van dit onderzoek kan gezocht worden naar het antwoord op de vraag waarom dit zo is.

Betere medicijnen
Tishkoff zei in de Washington Post dat de bevindingen uit haar onderzoek bovendien helpen om betere medicijnen te ontwikkelen, die afgestemd zijn op het metabolisme van bevolkingsgroepen. Zij pleit ervoor dat er in de onderzoeken naar nieuwe medicijnen, ziektegevoeligheid en respons op reeds bestaande medicatie veel meer proefpersonen van Afrikaanse herkomst worden betrokken. "In het verleden analyseerden genetici slechts een paar Afrikanen en namen aan dat die representatief waren voor het hele continent", zegt zij. Uit deze studie blijkt hoe onterecht dat is. “Ik hoop dat onze resultaten de contouren bepalen voor verder biomedisch onderzoek”

Verwantschap
Ondanks de grote diversiteit in het dna van mensen van Afrikaanse herkomst, is er eveneens sprake van een nauwe verwantschap tussen geografisch gescheiden groepen. De Centraal-Afrikaanse pygmeeën, de Khoisan-sprekende San in Zuid-Afrika en de Hadza en Sandawe in Oost-Afrika hebben allemaal gemeenschappelijke voorouders gehad, die circa 35 duizend jaar geleden leefde.

Etniciteit te bepalen?
Uit de studie blijkt ook dat de meeste huidige Afro-Amerikanen gemengde voorouders hebben vanuit heel West-Afrika. Dit maakt het moeilijk of onmogelijk om hun herkomst terug te brengen tot specifieke etnische groepen. Deze constatering levert nieuwe gezichtspunten op voor het debat over het wel of niet registreren van etnische herkomst in de gezondheidszorg.

Bron: Volkskrant, Nu.nl, Washington Post, US News, Science. Foto: dr. Sarah Tishkoff. Publicatiedatum: 11 mei 2009 14:35 uur
 
Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen zonder toestemming van Mikado.