Etnische verschillen in luchtwegklachten
Kinderen van Antilliaanse en Turkse herkomst hebben meer kans op astma-achtige klachten tijdens hun eerste levensjaren dan autochtone kinderen. Marokkaanse kinderen lopen daarentegen minder risico op dergelijke klachten. Dat blijkt uit onderzoek van promovenda Carmelo Gabriele van het Erasmus Medisch Centrum.

Astma is een chronische ontsteking van de luchtwegen. AstmapatiŽnten hebben het soms moeilijk met ademhalen. Dit wordt veroorzaakt doordat hun luchtwegen geprikkeld raken door allerlei stoffen. Waarom sommige mensen deze klachten wel en andere juist niet hebben is onbekend. Wel is een aantal risicofactoren aanwijsbaar.

Generation R studie
Gabriele analyseerde de gegevens van 6.000 kinderen uit de Generation R studie. Dat is een onderzoek naar de groei, ontwikkeling en gezondheid van 10.000 kinderen in Rotterdam. De kinderen worden vanaf de vroege zwangerschap tot hun jongvolwassenheid gevolgd. Uit de analyse van deze data door de promovendus blijkt dat afkomst en cultuur invloed uitoefenen op een aantal risicofactoren om astma te ontwikkelen. Kennelijk zijn er verschillen in pre- en postnatale blootstelling aan omgevingsfactoren. Ook de genen spelen een rol. Verder denkt Gabriele aan niet-onderzochte lifestyle factoren, culturele verschillen en verschillende attitudes ten opzichte van het gebruik van het Nederlandse medische systeem.

Roken
Rokerige ruimtes zijn funest voor kinderen met gevoelige luchtwegen. Doordat ze in de rook zitten, roken ze als het ware mee. Dit heeft een negatief effect op de ontwikkeling van hun longen, waardoor die minder goed gaan werken. Veel Turken - zowel hier als in Turkije - roken echter, zo ook jonge moeders. Zelfs tijdens de zwangerschap. Gabriele vermoedt dat daarom jonge kinderen van Turkse afkomst sneller astma ontwikkelen.

Borstvoeding
Ook het geven van borstvoeding speelt een rol bij de ontwikkeling van astma. Uit diverse onderzoeken blijkt dat kinderen die minimaal vier maanden borstvoeding hebben gehad, minder vaak eczeem, voedselallergie en allergisch astma ontwikkelen dan kinderen die flesvoeding hebben gekregen. Borstvoeding is echter ook deels cultureel bepaald. Zo geven Antilliaanse vrouwen half zo vaak borstvoeding in de eerste maanden in vergelijking met Nederlandse moeders.

Sociaal economische status
Bij Antilliaanse kinderen heeft het verhoogde risico daarnaast te maken met een lage sociaal economische status. Vaak gaat het om alleenstaande moeders, die minder tijd hebben voor hun zorgtaak. Zij zouden bijvoorbeeld minder vaak met hun kinderen naar de dokter gaan als zij ziek zijn. Hierdoor lopen kinderen mogelijkerwijs meer infecties op. "Maar dit moet verder worden onderzocht", aldus de promovendus. Ook ander onderzoek wijst op de relatie tussen de sociaal-economische positie en gezondheidsverschillen.

Erfelijke factor
De gezondste luchtwegen zijn aangetroffen bij Marokkaanse kinderen. Slechts 0,3 procent van de Marokkaanse kinderen kreeg de diagnose astma. In tegenstelling tot 3 procent bij Turkse, Antilliaanse en Surinaamse kinderen. Kinderen van autochtone ouders kwamen uit op 2 procent. Mogelijk spelen erfelijke factoren hier een belangrijke rol, denkt Gabriele. Zo zouden Marokkaanse kinderen van nature beter beschermd kunnen zijn tegen infecties.

Voorlichting op maat
Of een jong kind astma heeft, is lastig vast te stellen. Volgens Gabriele is het meten van stikstofmonoxide in de uitademinglucht (de zogenoemde Feno) een scherpere manier om bij kinderen op jonge leeftijd te diagnosticeren. Baby's die met zes maanden meer stikstofmonoxide uitademen, hebben vaker chronische luchtwegklachten als ze de leeftijd van twee jaar hebben bereikt. Mocht er op deze manier vast worden gesteld dat een jong kind een verhoogd risico loopt, dan kunnen door goede voorlichting over een gezonde leefomgeving en roken mogelijk problemen op latere leeftijd voorkomen worden.

Bron: Erasmus MC, Astma FondsPublicatiedatum: 14 december 2009 09:44 uur
 
Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen zonder toestemming van Mikado.